Vlaams begrotingsakkoord: wat verandert er fiscaal en sociaal voor ondernemingen en gezinnen?
De Vlaamse Regering heeft in het kader van het nieuwe begrotingsakkoord verschillende fiscale en sociaalrechtelijke maatregelen aangekondigd. Die hebben gevolgen voor zowel ondernemingen als gezinnen. Zo verdwijnen bepaalde steunmaatregelen voor werkgevers, worden de registratierechten aangepast en wordt de geplande hervorming van de erfbelasting bijgestuurd. Ook het groeipakket, de dienstencheques en enkele betaalde feestdagen voor Vlaamse ambtenaren wijzigen.
Registratierechten voor de enige en eigen woning stijgen naar 3%
Wie in Vlaanderen een enige en eigen woning koopt, zal opnieuw 3% registratierechten betalen. Het huidige verlaagde tarief van 2%, dat sinds 1 januari 2025 geldt, wordt daarmee teruggedraaid. Vlaanderen keert zo terug naar het tarief dat vóór 2025 van toepassing was.
Tijdens de begrotingsbesprekingen lag aanvankelijk een ander scenario op tafel. De verhoging naar 3% zou enkel gelden voor woningen met een aankoopprijs boven € 500.000. Die drempel werd uiteindelijk niet weerhouden. Daardoor zal het tarief van 3% van toepassing zijn op alle aankopen die vandaag in aanmerking komen voor het verlaagde tarief voor de enige en eigen woning.
Voor kandidaat-kopers kan de financiële impact aanzienlijk zijn. Wie bijvoorbeeld een woning van € 400.000 koopt, betaalt aan een tarief van 2% ongeveer € 8.000 registratierechten. Bij een tarief van 3% loopt dat bedrag op tot € 12.000, een verschil van ongeveer € 4.000.
Een belangrijk aandachtspunt is de datum waarop het nieuwe tarief precies ingaat. In de berichtgeving wordt 2027 genoemd, maar voorlopig is nog niet duidelijk welk moment bepalend zal zijn om het toepasselijke tarief vast te stellen.
Voor vastgoedtransacties maakt het immers een groot verschil of de datum van het compromis dan wel die van de authentieke akte als referentie wordt genomen. Wanneer de datum van de notariële akte doorslaggevend wordt, kunnen overeenkomsten die nog in 2026 worden gesloten maar pas in 2027 notarieel worden verleden, mogelijk al onder het tarief van 3% vallen. Wordt daarentegen de datum van de onderhandse verkoopovereenkomst als uitgangspunt genomen, dan zouden dergelijke aankopen eventueel nog aan 2% kunnen worden belast.
De definitieve regelgeving en eventuele overgangsmaatregelen moeten hierover meer duidelijkheid brengen.
Hervorming erfbelasting wordt uitgesteld en beperkter
Ook de geplande verlaging van de Vlaamse erfbelasting wordt herbekeken. De Vlaamse Regering had eerder aangekondigd de erfbelasting verder te willen verlagen. Door de huidige budgettaire context wordt die hervorming echter niet uitgevoerd volgens de oorspronkelijk voorziene timing.
Op basis van de informatie die momenteel beschikbaar is, zou de hervorming niet alleen worden uitgesteld, maar ook minder ver gaan dan aanvankelijk aangekondigd. Het geplande fiscale voordeel zou ongeveer gehalveerd worden.
Hoe de aangepaste hervorming er concreet zal uitzien, moet nog verder worden uitgewerkt.
Kmo-portefeuille voor opleidingen verdwijnt
Het Vlaamse begrotingsakkoord van 29 september 2026 voorziet ook in de afschaffing van de kmo-portefeuille voor opleidingen. Vlaamse kmo’s zullen daardoor niet langer via deze maatregel financiële ondersteuning kunnen krijgen voor opleidingen en advies bij erkende dienstverleners.
Via de kmo-portefeuille konden ondernemingen tot nu toe steun aanvragen voor uiteenlopende thema’s. Denk onder meer aan bedrijfsstrategie, beroepsspecifieke vaardigheden, digitalisering, duurzaamheid, financiële geletterdheid, innovatie, internationalisering en personeelsmanagement. Ook bepaalde adviesverlening rond cybersecurity kwam voor ondersteuning in aanmerking.
Met de afschaffing valt deze financiële tegemoetkoming voor Vlaamse kmo’s weg.
Geen RSZ-korting meer voor aanwerving van langdurig werkzoekenden
Ook de doelgroepvermindering voor werkgevers die langdurig werkzoekenden aanwerven, wordt afgeschaft.
Vandaag kunnen werkgevers gedurende vier kwartalen een RSZ-vermindering van € 1.000 per kwartaal krijgen wanneer ze iemand in dienst nemen die minstens twee jaar als niet-werkende werkzoekende bij VDAB is ingeschreven.
Het nieuwe begrotingsakkoord voorziet dat deze vermindering verdwijnt. Werkgevers zullen bij de aanwerving van langdurig werkzoekenden dus niet langer van deze specifieke RSZ-korting kunnen genieten.
Groeipakket en gezinsbijslag worden aangepast
Het begrotingsakkoord brengt daarnaast verschillende wijzigingen aan het Vlaamse groeipakket met zich mee.
Een eerste aanpassing betreft de leeftijdsgrens voor studerende kinderen. Die wordt verlaagd van 25 naar 23 jaar. Het recht op gezinsbijslag blijft daardoor voor een studerend kind behouden vanaf de maand waarin het 18 jaar wordt tot en met de maand waarin het 23 jaar wordt, op voorwaarde dat het onderwijs volgt en de toegelaten arbeidsgrenzen respecteert.
Ook het startbedrag bij de geboorte van een kind wordt aangepast. Momenteel bedraagt dat € 1.310,75 voor kinderen die vanaf 1 januari 2019 zijn geboren. Volgens het begrotingsakkoord zal dit startbedrag voortaan alleen nog worden toegekend voor het eerste kind.
Daarnaast verandert het systeem van leeftijdstoeslagen voor kinderen die vóór 1 januari 2019 zijn geboren. Momenteel zijn die toeslagen gekoppeld aan verschillende leeftijdscategorieën: van 6 tot en met 11 jaar, van 12 tot en met 17 jaar en vanaf 18 jaar. Bij de overgang naar een volgende leeftijdscategorie stijgt vandaag ook de toeslag.
Dat principe wordt aangepast. Ouders behouden de leeftijdstoeslag die ze momenteel ontvangen, maar krijgen geen verhoging meer wanneer hun kind een volgende leeftijdscategorie bereikt.
Een gezin dat bijvoorbeeld maandelijks € 34,52 leeftijdstoeslag ontvangt voor een kind van 11 jaar, blijft datzelfde bedrag ontvangen wanneer het kind 12 wordt. De toeslag stijgt dus niet meer naar € 52,76, het bedrag dat normaal verbonden is aan de leeftijdscategorie van 12 tot en met 17 jaar.
Twee betaalde feestdagen minder voor personeel van de Vlaamse overheid
Ook voor personeelsleden van de Vlaamse overheid zijn er wijzigingen. In het kader van het begrotingsakkoord 2026-2029 verdwijnen twee specifieke betaalde feestdagen.
Het gaat om Allerzielen op 2 november en Koningsdag op 15 november. Beide dagen zullen niet langer als betaalde feestdag gelden voor het personeel van de Vlaamse overheid. Het betreft feestdagen die specifiek binnen de Vlaamse overheid worden toegekend en in andere sectoren weinig of niet voorkomen.
Dienstencheques worden duurder en beperkt tot 300 per jaar
Tot slot verandert ook het systeem van de dienstencheques. Zowel de prijs als het maximale aantal cheques dat jaarlijks kan worden aangekocht, wordt aangepast.
Een gezin zal voortaan maximaal 300 dienstencheques per jaar kunnen kopen.
Voor de eerste 175 cheques stijgt de prijs van € 10 naar € 12 per cheque. Wie meer dan 175 cheques nodig heeft, betaalt voor de volgende 125 cheques € 13 per stuk.
Voor gezinnen die regelmatig een beroep doen op huishoudhulp via dienstencheques betekent dit dus zowel een hogere kostprijs als een beperking van het maximale jaarlijkse aantal cheques.